Wanneer gebruik je ’n dubbele longe?

De dubbele longe. Mijn dubbele longe is 18 meter lang, het is één doorlopende longe en heeft net als de enkele longe weer 2 meter koord, dit keer aan beide uiteinden, eindigend met een musketonhaak. Deze longe is er alleen in de uitvoering soft longe. Hij wordt geleverd met een uitgebreide gebruiksaanwijzing.

“Je gaat pas longeren met de dubbele longe wanneer jij en je paard ervaren zijn in: in balans en met verbinding longeren aan de enkele longe.”

Om je paard nog wat ronder te krijgen: de longe door de onderste ring van de singel naar het bit, terug naar een ring hoger op de singel aan beide kanten.

Foto: Arnd Bronkhorst

 

Er zijn verschillende redenen om met de dubbele longe te werken

De dubbele longe is evenals de enkele longe een ideaal hulpmiddel om je paard op de gewenste manier te leren lopen. Bij het werken aan de dubbele longe hoeft je paard niet steeds op de volte te blijven, maar kan ook rechte lijnen lopen. De inwerking op de mond van het paard komt dan net als bij mennen en rijden van achteren en niet zoals bij het longeren met de enkele vanaf de zijkant. Dat maakt dat je goed op de mond kunt inwerken, zodat je paard ‘meer mond’ krijgt. Dat wil zeggen dat het minder gevoelig in de mond zal reageren en meer vertrouwen in je hand krijgt. Zo kun je je paard laten wennen aan de druk van het bit op de lagen*. Als je paard deze manier van werken accepteert, kun je er in je training meer ‘aan komen’. Dat wil zeggen dat je meer van hem kunt vragen. Paarden met een groot ‘blijf van mijn lijf gehalte’, wat veel bij merries voorkomt, zullen meer leren accepteren doordat ze wennen aan de dubbele longe die ze om zich heen voelen.

Tip: een paard dat gewend is aan een dek met bilkoorden is meestal al wat gewend aan het gevoel van ‘iets’ achter de benen.

Wanneer je de dubbele longe voor de eerste keer gebruikt, doe dat dan samen met een assistent. Breng de buitenlonge voorzichtig over het kruis van het paard. De binnen longe blijft daarbij licht gespannen. Het paard kijkt naar links, zodat het altijd van u af slaat als het wat heftig reageert op dit onbekende gevoel. Wees altijd voorzichtig, zet de baan waarin u werkt af en vraag zo nodig assistentie. De assistent staat aan dezelfde kant als de longeur, ook om niet in het eventuele slagveld te staan wanneer het paard naar de longe wil slaan.

Foto: Arnd Bronkhorst

 

“Ontwikkel eerst in stap wat handigheid om de juiste verbinding te maken, om daarna het paard goed te kunnen leiden. Houd de longes geordend vast en werk systematisch.”

 

Omdat je met twee longes je handen nogal vol hebt, is het belangrijk dat je ze goed geordend opneemt zoals je bij de enkele longe gewend bent, met de lussen van groot naar klein. Houd je de longes in twee handen, hanteer ze dan alsof het je teugels zijn. Maak contact in voorwaartse richting door het paard eerst van je af te sturen met de zweep. Daarbij mag je longehand dit niet merken, er mag geen storing in de mond optreden. Eventueel kan de assistent de zweep bedienen om die storing te voorkomen.

De dubbele longe is op de volgende manieren te bevestigen:

  • Om het paard bij de warming-up goed voorwaarts-neerwaarts door de hals en over de rug te longeren met een actief achterbeen:gaan de longes door de onderste ringen aan weerszijden van de singel naar en door de bitringen, zo nodig terug naar de singel om het paard wat ronder te krijgen. Trek echter nooit aan de longes daar de hals van het paard dan wordt ingekort in plaats van uitgelegd! Op deze video kun je goed zien wat ik bedoel.
  • Bij paarden waar meer van gevraagd kan worden richting wedstrijdhouding en verzameling: leid de longes door de sleutels boven op de singel naar het bit en weer terug naar een ring lager op de singel. De buitenlonge komt dan natuurlijk wel over de schoft weer naar mijn hand toe en niet langs de achterhand. Je zou nu je positie kunnen verplaatsen door meer achter het paard te gaan lopen. Meer hierover in mijn boek ‘Trainen tot een goed gaand paard’, in het hoofdstuk over de dubbele longe.
  • Als het paard zich opkrult in de hals, bevestig je de longes rechtstreeks aan de bitringen. Het gewicht van de longes (licht doorhangen) zorgt al voor voldoende aanleuning.
  • Bij paarden die met de neus in de wind lopen: beide longes door de onderste ringen van de singel naar het bit, en weer terug naar een laag punt van de singel, in het uiterste geval aan de ring tussen de voorbenen. Maar wees hiermee wel heel voorzichtig, bij te veel druk ontstaat een hefboomwerking!!

 

* Lagen = Het tandeloze deel van de paardenmond tussen de snijtanden en de kiezen waar het bit op rust. Als het bit te ruw gehanteerd wordt kan dat verwondingen op de lagen geven, wat erg pijnlijk voor het paard is.

Voor meer informatie en het longeerboek ‘Trainen tot een goed gaand paard’

 

 

Door |2019-08-29T14:18:04+00:0028 augustus 2019|Longeren|

Laat een reactie achter

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten