BIOGRAFIE2018-11-15T13:30:26+00:00

Ruim vijftig jaar geleden kwam Lammert voor het eerst in aanraking met paarden. Zijn oudste zus had een blauwe maandag verkering met Peter Rinkes, een echte paardenman. Voor Lammert was het een uitgelezen mogelijkheid om eens paard te kunnen rijden.

Lammert: “Eén keer eerder had ik de kans om te kunnen paardrijden aan mijn neus voorbij laten gaan. Bij de plaatselijke buurtsuper kon je bonnetjes sparen. Met een volle kaart mocht je je kind gratis een rondje laten paardrijden. Mijn moeder kende natuurlijk mijn verlangen om eens op een paard te zitten en gaf de volle kaart aan mij. De koning te rijk ging ik op de bewuste dag naar de winkel waar het feest zou gaan plaatsvinden. Al heel snel spatte mijn droom uitéén: het waren pony’s. Alleen kleine kinderen mochten daar een rondje rijden. Daar kon ik met mijn 15 jaren toch niet bij gaan staan? Het was een kleine tragedie, maar ik heb mijn volle kaart aan een klein jongetje gegeven, die even later stralend op een pony rondreed. Toen mijn moeder vroeg of het leuk was heb ik ‘ja’ gezegd. Wat er in werkelijkheid gebeurd was heb ik haar pas veel later verteld…”.

Via Peter Rinkes kreeg Lammert steeds meer contacten in de paardenwereld. Hij nam les en ontmoette David Buurma, die tegen de bossen van Oranjewoud aan woonde en voor zijn kinderen en zijn vrouw wat paarden gekocht had. David had hulp nodig: iemand die zijn vrouw en kinderen kon begeleiden, met ze naar de wedstrijden kon gaan en voor de paarden kon zorgen. Een buitenkansje voor Lammert. Voor het eerst kon hij zelf aan wedstrijden meedoen. Onbekommerd, zoals iedere jongen van rond de twintig, leerde hij snel.

Tijdens zijn diensttijd, van dec 1969 tot zomer 1970 werd Lammert instructeur van verschillende rijverenigingen: de Tjongerruiters, de IVO-ruiters en de Waterpoorters. Onder hem deden de Tjongerruiters voor de eerste keer mee met een achttal op de Friese Kampioenschappen. Ze werden ook meteen Fries Kampioen; De Waterpoorters werden tweede en IVO ruiters derde. De Levade volgde. Vooral door het enthousiasme en de inzet van iedereen werd met glans het Verenigingskampioenschap gewonnen.

In dezelfde jaren was Lammert ook vaste ruiter van de bekende hengsten Marco Polo en Farn, van hengstenhouders De Vries en Kamminga uit Surhuisterveen.

Rond 1971 begon Lammert met de  de instructeurscursus bij de Federatie. In het laatste jaar vroeg Tinus Ruiterkamp, hoofdinspecteur van de KNF, Lammert om te solliciteren naar de functie van Federatie-instructeur. Bedenktijd was niet nodig. Dit was een geweldige kans om een gedegen baan te krijgen in de paardensport. Lammert werd aangenomen. Het lesgeven beviel Lammert en het ging hem goed af. Het jonge gezin vestigde zich in Nunspeet en een gelukkige periode brak aan. Vier zonen werden er geboren en Nunspeet was een sublieme uitvalsbasis voor zweeftochten met de kinderen door bos en hei.

Na 18 jaar trouwe dienst bij De Federatie werd hij gepolst voor de functie van bedrijfsleider bij het nieuwe Fries Paarden Centrum (F.P.C.) in Drachten. Lammert verhuisde met zijn gezin naar Friesland. Hoewel in Drachten ook successen werden behaald, bleven randzaken de rust verstoren. Hierdoor ontbrak het klimaat dat nodig is om optimaal te kunnen werken. Na acht jaar besloten Lammert en het F.P.C. uit elkaar te gaan.

In 1999 begon Lammert daarom samen met zijn vrouw Jet aan een nieuwe fase: een eigen bedrijf. Lammert zou lessen, cursussen en clinics gaan verzorgen in het hele land en Jet zou alle organisatorische en administratieve zaken op zich nemen. Het schrijven van zijn eerste boek ‘Longeren met Lammert Haanstra’, toen nog een paperback, was de eerste aanzet tot een succesvolle tijd.